Ik sta er eigenlijk nog steeds van te kijken dat het coronavirus voor elkaar heeft gekregen wat ik nooit voor mogelijk had gehouden: het tot stilstand komen van de hele maatschappij. Los van iedereen die nog wel keihard aan het werk is en alle zaken die (gelukkig) nog steeds doorgaan, valt het me op dat alles wat je vroeger (lees: vóór corona) vooral wél moest doen, nu vooral moet laten. Dat evenementen of activiteiten waarop normaal gesproken veel mensen zouden afkomen, zelfs actief ontmoedigd worden. En hoewel ik begrijp dat de coronamaatregelen er vooral op gericht zijn om contacten tussen mensen te beperken, vind ik deze nieuwe werkelijkheid behoorlijk tegenstrijdig met het soort maatschappij waarin we leven.
Consumptiemaatschappij pur sang
We leven in een kapitalistische wereld waarin consumeren het hoogste goed is en waarin we verwachten dat alles wat we willen op afroep, instantly, beschikbaar is. Een 24/7-maatschappij die maar doordraait, waar niks te gek is en alles kan (gewoon omdat het kan). Aangemoedigd door on en offline reclameboodschappen om nu naar nieuwe shop x te komen, snel tickets te bemachtigen voor festival y of product z met exclusieve korting uit te proberen zolang de voorraad strekt. Een maatschappij van nu, snel en voordat het te laat is, waarin marketeers maar wat graag inspelen op de wijdverspreide fear of missing out en je bijna een schuldgevoel aangepraat krijgt als je niet meedoet met de koopgekte. Want het kan toch? Kopen mensen, kopen. We zijn een consumptiemaatschappij pur sang.
No time to waste
Ook los van het reclamespervuur waarin de kreten nu en snel de boventoon voeren, is de wereld waarin we leven druk. We proberen zoveel mogelijk dingen in één dag te proppen. Na school of werk is er immers toch nog tijd genoeg om naar de sportschool of discotheek te gaan? Thuis op de bank zitten kan altijd nog. En dus plannen we onze dagen het liefst helemaal vol met als gevolg dat we ons van de ene naar de andere activiteit haasten. En zelfs zonder deze efficiënte dagindeling klaagt het gros van de mensen over te weinig uur in één dag! We moeten rennen, springen, vliegen duiken, opstaan en weer door naar het volgende! No time to waste, zó onze maatschappij.
Ratracende hamsters
Als ik aan ons drukke bestaan denk, komt de clip van Madonna’s Ray of light vaak bij me op. In deze hyperactieve video met dito muziek danst de zangeres tegen een achtergrond van versneld afgespeelde beelden van een willekeurige dag. Herkenbaar voor veel van ons. Zodra de zon op is, begint het geren en gevlieg: fragmenten van opstaan, ontbijten, tandenpoetsen, de auto of het OV in, werk/school, supermarkt, sporten en uitgaan wisselen zich af met doortikkende klokken, ratracende hamsters en voortrazende wereldbollen. Snel, sneller, snelst: onze wereld in een tijdsbestek van 5 minuten gestopt. Alleen de zon komt op in relatieve rust, maar je kunt je afvragen of er wel momenten van rust bestaan in een 24-uurseconomie. Voor veel mensen is dit het leven van alledag: de drukke realiteit in een wereld waarin alles draait om een snelle, instant bevrediging van behoeften. Maar zolang het kan, waarom ook niet?
En toen kwam corona
En hoewel het virus er van de een op de andere dag leek te zijn en het land als reactie erop vrijwel meteen in lockdown ging, woonden we nog steeds in die snelle consumptiemaatschappij met al haar mogelijkheden. Het idee van ‘kunnen kopen en doen wat je maar wilt en wel nu’ was niet zo snel als corona haar intrede had gedaan uit de hoofden van de mensen verdwenen. En hoewel de hashtag Blijfthuis bij de meeste van ons de wereldbol een stuk langzamer liet draaien, bleven we zoeken naar dat wat er nog wél mogelijk was. Bijvoorbeeld winkelen.
Ontmoedigingsbeleid
Tijdens de eerste coronagolf waren alle winkels gewoon open en konden we er dus naartoe. Maar, en dit is het bizarre, waar winkeliers net als anders alle marketingtrucs uit de kast haalden om klanten naar hun winkel te lokken, bleek bij de ingang dat je eigenlijk helemaal niet zo welkom was! Er was zelfs sprake van een waar ontmoedigingsbeleid om de winkel te betreden door de briefjes op de deur met ‘Kom zoveel mogelijk alleen’ en ‘Maximaal 5 klanten binnen’ en later ‘Mondkapje verplicht.’ Een winkelier die er alles aan doet om klanten in zijn winkel te krijgen en ze vervolgens het daadwerkelijke kopen ontmoedigt? In een toch al slechte tijd én notabene in een consumptiemaatschappij? Eh..?
Een andere mogelijkheid was naar buiten, de natuur in. Onze intelligente lockdown stond het toe en het kabinet beval het zelfs ten zeerste aan om elke dag even ‘een frisse neus te halen’. En, blij dat we het ongekende en niet gewende lange thuisblijven konden afwisselen met een andere activiteit, gaven we daar massaal gehoor aan. Nooit eerder was het zo druk op de stranden, in parken en bossen. En waar wandelen, fietsen en zwemmen in de natuur vóór corona alleen maar toegejuicht zou worden, zeker door artsen, werden ook deze activiteiten ernstig ontmoedigd! Toegangswegen naar de kust werden afgesloten, veiligheidsregio’s riepen mensen via social media op ‘vooral niet te komen wandelen in populaire natuurgebieden’, parken werden verboden terrein, borden met ‘draai om’ etc. En nogmaals, ik begrijp het en sta ook achter de coronaregels, maar eigenlijk is die actieve ontmoediging van dingen die passend of gezond zijn voor onze drukke consumptieve maatschappij toch een behoorlijk vreemd fenomeen?
Een beetje begrip
De coronamaatregelen staan zo haaks op de maatschappij die wij gewend zijn, dat ik bij nader inzien een beetje begrip kan opbrengen voor de mensenmassa’s in de rij voor de (destijds heropende) IKEA en in de binnensteden tijdens Black Friday. Vroeg ik me eerst nog verontwaardigd af voor, in hemelsnaam, welke noodzakelijke producten mensen vrijwillig uren in de rij gingen staan en waarom half Rotterdam zo nodig op hetzelfde moment de korting bij de Rituals wilde scoren; nu zie ik meer en meer in dat het gewoon heel moeilijk is om plotsklaps het concept van een druk en consumptief leven vol kansen en afwisseling los te laten, alleen omdat we een virus de kop in willen drukken. Dus als de IKEA weer opengaat, waarom zou je dan niet gaan? Het kan toch? En het biedt bovendien weer wat perspectief in de dagelijkse sleur en thuiszitten hebben we al lang genoeg gedaan. En waarom zou je die megakorting op dat lekkere luchtje laten schieten? De winkel is immers open en de etalage schreeuwt je bijna toe ‘kom nu naar binnen!’ Oei, wel maximaal 5 klanten tegelijk en een mondkapje is verplicht. Dus, naar binnen of liever niet?
Naar binnen! Omdat het kan.
Tja, de mens is nu eenmaal een gewoontedier. Hij zou het het liefst ontkennen, maar het valt nu eenmaal niet te ontkennen,